Wetgeving rookkanalen en rookgasafvoer in België

Bij de installatie van rookkanalen en de uitmonding van de rookgasafvoer in België moet u rekening houden met verschillende wet- en regelgeving. Voor stookplaatsen met toestellen onder 70 kW vormt de NBN B 61-002 (officieel van toepassing op centrale verwarmingsketels onder 70 kW) een belangrijke leidraad voor de opstellingsruimte, luchttoevoer en afvoer van verbrandingsgassen. Daarnaast moeten rookkanalen voldoen aan de Europese CE-normen. De Vlaamse VLAREM II-regelgeving wordt hierbij vaak aangehaald, maar die geldt voor ingedeelde inrichtingen en niet voor een gewone kachel in een woning; verderop leest u wat er dan wel geldt. Op deze pagina vindt u de belangrijkste regels voor de hoogte van de uitmonding, de afstand tot nabije objecten, de voorschriften voor een rookkanaal op een plat dak, en de Vlaamse en Europese normen.

Een goed onderhouden kanaal is ook uw beste brandpreventie: lees hoe u een schouwbrand herkent en voorkomt.

Hoogtevoorschriften voor de uitmonding rookgasafvoer

De minimale hoogte van de uitmonding van de rookgasafvoer op het dak en de positie ervan zijn cruciaal voor een veilige rookafvoer en het voorkomen van rookhinder bij de buren. Een rookkanaal heeft daarnaast een minimale totale lengte nodig om een goede natuurlijke trek te garanderen. In de praktijk wordt vaak gerekend met een totale rookkanaal-lengte van ten minste vier meter vanaf het toestel tot de uitmonding. Dit wordt weergegeven in de onderstaande illustraties, zowel voor schuine als platte daken.

uitstroomzone rook

De zones hieronder komen uit NBN B 61-002, bijlage D. Die norm is geschreven voor centrale verwarmingsketels onder 70 kW; een toestel dat alleen zijn eigen opstellingsruimte verwarmt valt er buiten, maar in de praktijk wordt zij ook daar als leidraad gebruikt.

De basisregels voor de uitmonding rookgasafvoer zijn als volgt:

  • Uitmonding Zone I (vrije zone, boven de nok): toegestaan
  • Uitmonding Zone II (overgangszone, met obstakels in de nabijheid): alleen toegestaan met een anti-windkap die de trek afschermt tegen wind
  • Uitmonding Zone III (onder de nokhoogte of in de invloedssfeer van obstakels): niet toegestaan

Afstand tot nabije objecten

Gebouwen en andere obstakels kunnen de rookafvoer belemmeren. Een object vormt een probleem voor uw rookgasafvoer als het:

  • zich binnen 15 meter van de rookafvoer bevindt
  • een hoek van 30 graden of meer bedekt ten opzichte van de rookuitlaat, 15 graden aan weerszijden van de as (horizontale doorsnede)
  • hoger reikt dan een lijn die vanaf de uitmonding 10 graden omhoog loopt (verticale doorsnede)

uitstroomzones nabij objecten

In de bovenstaande illustratie vormt gebouw I een probleem vanwege de nabijheid en hoogte. Gebouwen II en III zijn geen obstakel.

Rookkanaal plat dak regels

Voor een rookkanaal op een plat dak gelden specifieke voorschriften die afwijken van een schuin dak. Bij een plat dak heeft u geen natuurlijke nok als referentiepunt, daarom rekent men met het hoogste punt binnen een straal rondom de uitmonding.

  • Hoogte boven het plat dak: ook op een plat dak gelden de uitmondingszones uit NBN B 61-002 (zie de figuur hierboven): in zone I is de uitmonding goed, in zone II alleen met een anti-windkap, in zone III niet. Staat er binnen 15 meter een hoger gebouw, een dakopbouw of een hogere gevel die boven een lijn van 10 graden vanaf de uitmonding uitkomt, dan moet het kanaal hoger. Staat uw kanaal op een lage aanbouw tegen een hogere woning, dan is die woning zo'n obstakel en moet de pijp flink hoger.
  • Vlaamse leidraad: de Vlaamse code van goede praktijk adviseert de uitmonding minstens 1 meter boven de nok te brengen van woningen en andere bewoonde gebouwen binnen een straal van 50 meter. Die code is uitdrukkelijk een leidraad en geen verplichting, maar kan via een vergunning of een gemeentelijk reglement alsnog bindend worden.
  • Dubbelwandig buiten: bij een opbouw boven het plat dak in de open lucht gebruikt u dubbelwandige geisoleerde rookkanalen. Een kanaal dat helemaal enkelwandig is kan niet: buiten koelen de rookgassen te snel af, wat de trek bederft en condens geeft. Bekijk onze dubbelwandige kachelpijpen.
  • Dakdoorvoer: de dakdoorvoer op een plat dak vraagt om een waterdichte aansluiting met EPDM of bitumen-loodslab. Bekijk hiervoor onze pagina over rookkanaal door het dak.
  • Stabilisatie: bij een plat dak werken tuidraden meestal niet vanuit een nok. Voorzie daarom een stevige muurondersteuning of dakvoet die tot in de constructie reikt.
  • Veiligheidsafstand: houd voldoende afstand tot dakranden, lichtkoepels en ventilatieopeningen om terugslag en rookoverlast te voorkomen.

Of u voor een rookkanaal een vergunning of een melding nodig heeft, bepalen uw gewest en uw gemeente, en dat verschilt binnen België. Wijzigt u de draagconstructie van de woning, dan is er vrijwel altijd iets nodig. Informeer altijd vooraf bij de dienst stedenbouw van uw gemeente.

Stookt u op pellets? Hoe zo'n kanaal wordt opgebouwd, welke regels er gelden en welke pijpen u nodig heeft, staat samen op onze pagina over het rookkanaal voor een pelletkachel.

Wat geldt er in Vlaanderen?

Bij rookkanalen wordt vaak naar VLAREM II verwezen. Deel 4 van dat besluit, waar artikel 4.4.2.2 in staat, heet voluit "algemene milieuvoorwaarden voor ingedeelde inrichtingen". Dat zijn de vergunnings- of meldingsplichtige inrichtingen uit de indelingslijst. Een hout- of pelletkachel in een woning valt daar niet onder, dus die artikelen gelden niet voor uw kachel.

Wat er voor een woning wel is:

  • De Vlaamse code van goede praktijk (Departement Omgeving, 2017) adviseert de uitmonding minstens 1 meter boven de nok te brengen van woningen binnen een straal van 50 meter. De code zegt zelf dat hij geen formele verplichting is maar een sensibiliserend werkinstrument. Via een vergunning, een gemeentelijk reglement of de rechtspraak kan hij alsnog bindend worden.
  • Uw gemeente. Het politiereglement en de dienst stedenbouw bepalen in de praktijk wat er bij u mag. Steden zoals Antwerpen en Gent hanteren eigen verordeningen.
  • De handleiding van uw toestel en van het kanaalsysteem. Daar wordt u bij een schadegeval op afgerekend, samen met de voorwaarden van uw brandverzekeraar.

Informeer dus altijd bij uw gemeente of de dienst stedenbouw voor de specifieke regels op uw adres.

Wat is verplicht en wat raden wij aan?

Verplicht. In Vlaanderen bestaat geen algemene wettelijke regel voor de hoogte van de schoorsteen van een woning. Wel moet u:

  • de handleiding van uw kachel en van het rookkanaal volgen;
  • een CE-gemarkeerd rookkanaal gebruiken volgens NBN EN 1856-1, voor een houtkachel met T600-classificatie;
  • de regels van uw gemeente volgen. Die kan via het politiereglement optreden als uw rook de buren hindert.

Ons advies.

  • Laat de uitmonding uitkomen in zone I van NBN B 61-002: boven de nok en buiten de invloed van hogere gebouwen binnen 15 meter.
  • Breng de uitmonding minstens 1 meter boven de nok van woningen binnen 50 meter, zoals de Vlaamse code van goede praktijk aanraadt.
  • Zorg voor een totale kanaallengte van minstens 4 meter en gebruik buiten altijd een dubbelwandig geïsoleerd rookkanaal.

Waarom? Een te lage pijp trekt slecht, waardoor u rook in de kamer kunt krijgen. De rook waait dan ook eerder naar de ramen van uzelf of de buren. Dat geeft klachten, en dan kan de gemeente alsnog ingrijpen. Bij een schadegeval kijkt uw verzekeraar bovendien of de installatie volgens de handleiding en de normen is geplaatst.

Europese normen voor rookkanalen

Naast de Belgische wetgeving moeten rookkanalen ook voldoen aan Europese CE-normen. De belangrijkste normen zijn:

  • NBN EN 1443: Algemene eisen voor rookkanalen.
  • NBN EN 1856-1: Voorschriften voor metalen rookkanalen, systeembestanddelen.
  • NBN EN 1856-2: Schoorsteenvoeringen en metalen aansluitingen.
  • NBN EN 13384-1: Berekeningsmethode voor rookkanalen met een toestel.
  • NBN EN 12391-1: Plaatsingsnorm voor metalen rookkanalen bij open ketels.

Deze normen specificeren veilige afstanden tot brandbare materialen en de noodzaak van brandwerende omkokering indien van toepassing.

Belangrijk voor buitengebruik

Buiten de ruimte waar de kachel staat werkt u met een dubbelwandig geisoleerd rookkanaal. Een kanaal dat helemaal enkelwandig is kan niet, behalve bij het renoveren van een bestaande schoorsteen. Bekijk hiervoor onze dubbelwandige kachelpijpen die voldoen aan de EN 1856-1 norm en de T600 classificatie.

Veelgestelde vragen over wetgeving rookkanalen

Welke wetgeving geldt voor rookkanalen in België?

Voor stookplaatsen met toestellen onder 70 kW vormt de NBN B 61-002 (officieel voor centrale verwarmingsketels onder 70 kW) de leidraad voor opstellingsruimte, luchttoevoer en rookgasafvoer. De VLAREM II-regelgeving die vaak wordt genoemd geldt voor ingedeelde inrichtingen en niet voor een kachel in een woning. Rookkanalen moeten wel voldoen aan Europese CE-normen zoals NBN EN 1856-1 en NBN EN 13384-1.

Hoe hoog moet een rookkanaal boven het dak uitkomen?

De Vlaamse code van goede praktijk adviseert minstens 1 meter boven de nok van woningen binnen een straal van 50 meter. Dat is een leidraad en geen wet, maar uw gemeente kan hem bindend maken. Welke hoogte uw kachel nodig heeft voor een goede trek, staat in de handleiding van het toestel.

Wat zijn de regels voor een rookkanaal op een plat dak?

Op een plat dak gebruikt u dezelfde uitmondingszones uit NBN B 61-002 als op een schuin dak. Let vooral op hogere gebouwen, dakopbouwen of een hogere gevel binnen 15 meter: komen die boven een lijn van 10 graden vanaf de uitmonding uit, dan moet het kanaal hoger. Daarnaast adviseert de Vlaamse code van goede praktijk de uitmonding minstens 1 meter boven de nok te brengen van woningen binnen een straal van 50 meter. Uw gemeente kan strengere regels hebben. Gebruik altijd een waterdichte dakdoorvoer met EPDM of bitumen-loodslab en een stevige muurondersteuning of dakvoet.

Mag een rookkanaal langs de gevel uitkomen?

Of een afvoer dwars door de gevel mag, bepalen de regels van uw gewest en uw gemeente; uw gemeente bevestigt wat bij u geldt. Wij raden hem af: u krijgt te maken met een zwarte gevel, rookgeur en mogelijke overlast voor de buren. Een opbouw langs de gevel omhoog, tot boven het dak, kan wel. Bekijk hiervoor onze pagina over rookkanaal langs gevel.

Heb ik een vergunning nodig voor een rookkanaal?

Dat bepalen de regels van uw gewest en van uw gemeente, en die verschillen binnen België. In beschermde dorpsgezichten, bij een gevelopbouw of als de gevel zichtbaar is vanaf de openbare weg is vaker een omgevingsvergunning of melding nodig, en wijzigt u de draagconstructie dan is er vrijwel altijd iets nodig. Informeer altijd vooraf bij de dienst stedenbouw van uw gemeente.

Welke norm geldt voor dubbelwandige rookkanalen?

Dubbelwandige metalen rookkanalen vallen onder NBN EN 1856-1. Voor gebruik bij houtkachels is daarnaast de T600-classificatie aangewezen, wat aangeeft dat het kanaal bestand is tegen hoge piekttemperaturen zoals bij een schoorsteenbrand.